8.2 STRAFFEN EN BELONEN


Naar de schoolgids index


Het straffen en belonen van kinderen is altijd moeilijk. Het is niet gemakkelijk om het iedereen naar de zin te maken. Nog sterker… dit is zelfs niet mogelijk.
Vaak is het onderwerp van gesprek zowel thuis als op school; iedereen heeft er een mening over en vaak ligt het gevoelig.
Wat we wel kunnen doen is op schoolniveau zoveel mogelijk heldere en duidelijke afspraken te maken. We moeten ernaar streven dat ouders en school zoveel mogelijk op één lijn liggen en dat ze begrip kunnen opbrengen voor elkaars standpunten en afwegingen.
Tevens moeten we er naar streven om consequent te zijn in de naleving van deze afspraken, hoewel het “gezonde verstand” in deze leidend dient te zijn

BELONEN OF STRAFFEN

In principe is het beter om een kind te belonen bij goed gedrag dan hem/haar te straffen bij ongewenst gedrag. Soms is een straf echter nodig, zeker als een leerling opzettelijk de grenzen overschrijdt. Kinderen moeten ook leren om kritiek te krijgen en deze op de juiste manier te verwerken.

Het werkt vaak goed om een beloning te beloven die bestemd is voor de hele groep. De hele groep straffen voor het ongewenst gedrag van een enkeling is niet aan te bevelen; de groep hoeft hier niet voor op te draaien.

De groep kan wel betrokken worden bij het realiseren van een positieve gedragsverandering bijvoorbeeld door de groep medeverantwoordelijk te maken.

Het verdienen van een beloning moet wel haalbaar zijn. En natuurlijk is het van groot belang om een gedane belofte ook na te komen.

En of je nu beloont of straft: Het is belangrijk om consequent en rechtvaardig te zijn.

BELANGRIJKE VOORWAARDEN BIJ STRAFFEN EN BELONEN

  • Ga in gesprek en benoem het daadwerkelijke gedrag van het kind; maak duidelijk waarom er Een straf of een beloning is.
  • Geef een kind steeds weer een nieuwe kans om het goed te doen, om zijn/haar gedrag te verbeteren.
  • Zowel een straf als een beloning hebben de bedoeling dat het kind er iets van leert en negatief gedrag zich niet herhaalt. Het is een leermoment dat ervoor zorgt dat een kind het de volgende keer anders doet.
  • Houd in de gaten dat het kind zich geaccepteerd blijft voelen ook als wordt hem/haar een straf opgelegd.
  • Bespreek negatief gedrag van een kind altijd; dit hoeft niet altijd te leiden tot een straf.
  • De omvang van de straf dient in relatie te staan met de omvang van het ongewenste gedrag.
  • Niet elk kind is hetzelfde. Hoewel het belangrijk is om consequent te zijn, moet er ook rekening worden gehouden met het individuele kind, de leeftijd en de situatie.
  • Een straf maar ook een beloning moet spoedig plaatsvinden
  • Niet buiten spelen is voor veel kinderen een verkeerde straf, omdat deze kinderen juist de beweging nodig hebben om hun gedrag goed te kunnen kanaliseren.

COMMUNICATIE NAAR OUDERS BIJ STRAFFEN

Het is altijd lastig om in te schatten wanneer de ouders geïnformeerd moeten worden bij een gedragsprobleem. Het is afhankelijk van de situatie en de omvang van het ongewenste gedrag. Enkele richtinggevende criteria kunnen wel aangegeven worden:

  • Ouders worden gebeld als er sprake is van respectloos gedrag of herhaaldelijk storend ged-
  • Ouders worden ook gebeld als het gedrag van het kind aan het veranderen is; als hij/zij bijvoorbeeld vaker dan voorheen gestraft moet worden.
  • We bellen ouders als de straf (te) veel indruk heeft gemaakt op het kind.
  • Als er sprake is van een tijdstraf waardoor ouders niet weten waar het kind is, dient er gebeld te worden. Voor de bovenbouw wordt hier een tijdstraf van langer dan 15 minuten gehanteerd.

 


Download deze pagina Download de gehele schoolgids